Practica
Naam van de opstelling
Watercalorimeter
Code
CAL2Categorie
Thermofysica
Gewenste voorkennis
Warmte, soortelijke warmte, latente warmte.Doelstelling
Het meten, door middel van een eenvoudige watercalorimeter, van enerzijds de soortelijke warmte (warmtecapaciteit) van een vaste stof, en anderzijds de latente warmte bij een faseovergang.
Apparatuur
Er zijn twee verschillende uitvoeringen van de watercalorimeter in het practicum: 36 KA en 37 KL. De calorimeter zelf bestaat steeds uit een thermisch geïsoleerd vat met doorvoeren in het deksel voor een thermometer en voor een roerder die dient om de evenwichtstemperatuur na menging snel te doen intreden. De randapparatuur en voorgestelde proeven zijn evenwel verschillend. Kies hierna dus voor één van beiden.
Calorimetrie I: 36 KA
Een kleine thermosfles met isolerend deksel vormt hier de calorimeter. Kwikthermometers worden voor de temperatuursaflezing gebruikt.
Calorimetrie II: 37 KL
De calorimeter waarin gemeten wordt is hier een koperen beker met afneembaar deksel die zich bevindt in een met vilt bekleed dubbelwandig vat. Tussen de wanden van dit laatste zorgt water met zijn hoge warmtecapaciteit voor een goede thermische afscherming tegenover de omgeving. Als thermometer wordt hier een elektronisch instrument gebruikt; de voeler zit in de tip van de meetsonde.


